Lo-Reninge in cijfers
Concurrentie
- Rijscholen nu
- 1
- Eén zaak per
- 3.138 inwoners
- Plaats in arr. Diksmuide
- 1 van 51 = meeste zaken per inwoner
Stabiliteit
- Faillissementen 2021–20251
- 0
- Mediane leeftijd huidige zaken
- 4 jaar
Klanten
- Inwoners
- 3.138
- 65-plussers
- 22,1%
- Gem. inkomen 2023
- € 38.122
1 Faillissementen tellen voor de hele klasse Autorijscholen, niet alleen voor rijscholen.
Rijscholen in het arrondissement Diksmuide
Per 1.000 inwoners, van veel naar weinig. Balken tot 0,21 (3 × het midden, een punt betekent meer); het streepje in elke balk is het Vlaamse midden (0,07).
Wat de cijfers zeggen
Lo-Reninge telt 1 rijschool voor 3.138 inwoners, dus 1 op de 3.138. Dat geeft 0,32 rijscholen per 1.000 inwoners, flink meer dan het Vlaamse midden van 0,07. Tegenover die mediaan is er 1 rijschool meer dan verwacht. Voor zo'n kleine gemeente is het aanbod dus al ruim, en een tweede rijschool zou het publiek moeten delen (bron: KBO)
In het arrondissement Diksmuide staat Lo-Reninge op plaats 1 van 5, de hoogste dichtheid van de streek. De bestaande rijschool is ongeveer 4 jaar oud en is dus niet in de jongste 3 jaar gestart. Ze heeft intussen een plaats veroverd. Omdat leerlingen ook uit omliggende gemeenten komen, telt het hele arrondissement mee als werkgebied (bron: KBO)
Tussen 2021 en 2025 waren er in Lo-Reninge 0 faillissementen in de klasse autorijscholen, en in heel Vlaanderen 8. De klasse dekt precies deze sector, dus het cijfer is representatief: faillissementen bij rijscholen blijven beperkt, al blijft de afhankelijkheid van examenregels en lesvoertuigen een aandachtspunt (bron: Statbel)
Het gemiddelde inkomen bedroeg in 2023 38.122 euro per inwoner, onder het Vlaamse gemiddelde van 42.318 euro. Rijlessen zijn voor veel gezinnen een flinke uitgave, dus een helder en betaalbaar lespakket weegt mee. Met 22,1% inwoners van 65 jaar of ouder is de groep jonge kandidaat-chauffeurs relatief kleiner. Opfrissingslessen voor oudere bestuurders kunnen een aanvulling zijn, maar de kern van de vraag blijft bij jongeren liggen (bron: Statbel)